Verslag van Paul 28 februari t/m 7 maart 2015

20-04-2015 22:58

 

Op vrijdag vertrokken we met een groep van elf, verzameld over drie auto’s, in alle vroegte op weg naar een vooraf door Marleen geboekt hotel aan de Brennerpas waar we de eerste nacht zouden doorbrengen. Handig, omdat de volgende dag dan een kort ritje zou volstaan om Ortisei te bereiken. Toen we zaterdagochtend aankwamen in Ortisei, kochten we de skipassen en kleedden we ons ter plekke om bij de veilig geparkeerde auto’s. Op naar Col Raiser waar de huttentocht zou beginnen.

De huttentocht stond onder de capabele leiding van Gerrit. Een sympathieke man met een kalme autoriteit die je steeds het gevoel gaf dat je de hele week nergens omkijken naar had en die je altijd terzijde stond als je iets wilde weten of nodig had. Niet zo’n gids die zoekt naar een eigen publiek maar iemand die de voorwaarden schept voor de groep om de reis tot een succes te maken.

De rifugio’s lagen veelal op de prachtigste locaties, vaak hooggelegen, die fantastische uitzichten opleverden. Avondeten en ontbijt waren prima. De menu’s (altijd drie gangen) varieerden van eenvoudige doch prima pizza’s tot uitzonderlijk lekker klaargemaakte hertenbiefstukjes. Er werd vaak goede wijn geschonken en er was altijd een ruim aanbod aan fenomenale distillaten. Gelukkig bleek Gerrit een fijne neus te hebben voor de beste grappa’s. In de accommodaties was meestal een scheiding aangebracht tussen een restaurantgedeelte en sfeervolle zithoeken met bar. Het was daar waar we bij aankomst na een dag lekker skiën plaatsnamen om te genieten van biertjes en andere versnaperingen, maar ook van de schitterende uitzichten op de bergen. De indeling van de slaapkamers was in elke rifugio weer anders. Soms waren er vier- of zespersoons slaapkamers maar het kwam ook voor dat we met zijn vijftienen in één kamer overnachtten in stapelbedden. In één rifugio was binnen een bordje opgehangen met een pijl die wees naar de slaapkamers. Het bordje vermeldde ‘Barackenraum’, een fraaie Duits woord dat een treffende voorstelling gaf van de slaapaccommodatie. Het is dan handig een lampje bij de hand te hebben als je naar de wc moet, zeker als je ergens midden in de kamer in een stapelbed boven ligt. Er waren overigens altijd voldoende toiletten en douches, netjes en schoon.

De route is goed gekozen. Daar is duidelijk goed over nagedacht. Je krijgt een vrij compleet beeld van de Dolomieten als skigebied. Soms was het nodig een (ski)bus te nemen om in een ander gebied te komen maar die ritjes duurden nooit lang. Ook hoefden we ons nooit te haasten om op tijd aan te komen in de volgende berghut. Ontspannen skiën dus in een landschappelijk bijzonder fraaie omgeving.

Marmolada
Elke rechtgeaarde skiër zou de Marmolada gedaan moeten hebben. Toen wij er waren, boven aan de top, op meer dan 3000 meter, scheen de zon in felle uitbundigheid. Op het uitzichtpunt ontvouwde zich een panorama van vergezichten, zo zinsbegoochelend mooi dat een van de groepsgenoten zelfs meende de Adriatische Zee te ontwaren. Een fantasmagorie van Jaap. Eindeloze sneeuw gaf het blauw van de lucht de toon van kobalt. Hier en daar een streep wolk. Er volgde een lange afdaling op een zeer brede piste, koninklijk van allure. Een piste die alles te bieden heeft wat skiën zo geweldig maakt.

Kloof van Sottoguda
Skiën door de kloof is niet zozeer een uitdaging maar eerder een esthetische beleving. In kalm tempo naar beneden glijden, onderwijl het landschap en de natuur in je opnemend. Want dat is wat we deden: rustig toeren door lieflijke en vrije natuur, waarbij we af en toe wandelaars tegenkwamen en mensen die bevroren watervallen beklommen. Een welkome afwisseling en een mooi hoofdstuk in het verhaal van de huttentocht.

Lagazuoi
Hier ligt de rifugio op 2800 meter en het was daar dat we vroeg in de ochtend begonnen aan een 12 km lange afdaling. De bergen lieten zich dit keer niet bepaald van hun lieflijkste kant zien; het stormde, de wind loeide om je oren en het was verschrikkelijk koud, daar boven op die berg in dat ijselijke landschap. Maar na enig afdalen luwde de wind geleidelijk en transformeerde het landschap in mooie bospistes met tussendoor weidse uitzichten. Beneden aangekomen stond er een tweespan te wachten. Achter de koets was een touw gebonden met knopen aangebracht op regelmatige afstanden. Hangend aan dat touw werden we toen voortgetrokken naar het aangrenzende skigebied. Al met al een sfeervol tochtje door het bos, met dat geluid van paardenhoeven op de sneeuw.

Op 6 maart hadden we de tocht volbracht en waren we terug bij Col Raiser. Omdat we het niet konden laten, hebben we de zaterdagochtend er nog aan vastgeplakt alvorens de terugreis naar Nederland te aanvaarden. We hebben die week een heerlijke en gedenkwaardige skitocht gemaakt, en al is een huttentocht bepaald niet een goedkope vorm van wintersport, in aanmerking genomen wat we allemaal hebben gezien en ervaren, is het de prijs dubbel en dwars waard geweest.